Jongeren op de Tweesprong -
01/08/2008

De proeven zijn gestoeld op
onderling vertrouwen |
In het juninummer van Rotary Contact kon
u kennismaken met Youth at Risk, een Vlaams programma voor probleemjongeren
van 16 tot 21 jaar. In de regio Antwerpen loopt een gelijkaardig
project voor nog jongere deelnemers. Dat wordt helemaal door Rotary
georganiseerd.
Het Rotaryprogramma ‘Tweesprong’,
gesteund door dertien Antwerpse Rotaryclubs, is bestemd voor risicojongeren
van 12 tot 14 jaar. Zij staan voor een keuzemoment in hun leven,
op een ‘tweesprong’. Kiezen ze het pad naar maatschappelijke
integratie of het pad naar meer en meer delinquent gedrag? Tweesprong
is een preventieprogramma dat zich richt naar jongeren die nog
geen problematisch gedrag vertonen maar wel nood hebben aan begeleiding
om de juiste keuzes te maken voor de uitbouw van hun verdere leven.
Door hun leeftijd staan zij nog relatief open voor bijsturing.
Net als ‘Youth at Risk’ leert ‘Tweesprong’ de
jongeren dat zij op elk moment een vrije keuze maken in hun leven.
Zij leren ook de verantwoordelijkheid dragen voor de gevolgen van
die keuze, zodat ze zich niet verschuilen achter excuses of externe
oorzaken.
‘
Tweesprong’ is gestart als een Eeuwfeestproject, naar aanleiding
van het honderdjarig bestaan van Rotary International in 2005.
Het project wordt integraal gefinancierd door dertien Rotaryclubs:
Rc Antwerpen, Antwerpen-Heideland, Antwerpen-Metropool, Antwerpen-Mortsel,
Antwerpen-Noord, Antwerpen-Oost, Antwerpen-Park, Antwerpen-Ring,
Antwerpen-Schelde, Antwerpen-Voorkempen, Antwerpen-West, Antwerpen-Wilrijk-ter
Beke en Boom Rupel. Rotary heeft de algemene leiding en verzekert
de coördinatie. De andere partners zijn de Provincie Antwerpen,
de Stad Antwerpen, de Lokale Politie Antwerpen, de Karel de Grote
Hogeschool (voor het pedagogisch luik) en de Antwerpse scholen. Eveneens zoals bij ‘Youth at Risk’ werkt
men bij ‘Tweesprong’ in
drie fasen: een voortraject, een ‘Springdag’ en een
natraject afgesloten met een ‘Springfestival’.
In het voortraject wordt kennis gemaakt met de school en met
de klas van de jongeren. De school wordt ingelicht over de
inhoud
en de methode van het pedagogisch project. Verwacht wordt dat
de school dit ondersteunt, vermits zij een belangrijke rol
speelt
in het natraject. De jongeren worden geobserveerd en er vinden
inleidende gesprekken plaats om de Springdag zo goed mogelijk
te laten verlopen. Op die Springdag leggen de jongeren
onder de begeleiding van een coach een sportief en avontuurlijk
parcours af in groepjes van
maximum acht personen. Ze kiezen de hele dag samen hoe zij het
parcours doorlopen en hoe zij de opdrachten uitvoeren. Die momenten
zijn een ‘training’ om de goede keuzes te maken en
om de gevolgen ervan te aanvaarden. Na elke proef volgt een evaluatie
door de jongeren zelf onder leiding van de coach. Samenwerking,
luisterbereidheid, onderlinge waardering, enz. komen kort aan bod.
Hieruit trekken ze lessen voor de volgende proef. De klastitularis
is er die dag bij als observator en leert zijn leerlingen zo op
een andere manier kennen. Hij krijgt ook een uiteenzetting over
hun individuele prestaties en over de benadering die het meest
past bij hun karakter. De Springdag wordt afgesloten met een aantal
vertrouwensproeven, die de jongeren nog dichter bij elkaar brengen.
In het natraject werkt de klastitularis
met de jongeren verder rond het thema ‘keuzes maken’.
Hij organiseert een viertal ‘Tweespronglessen’, waarin
verantwoord kiezen centraal staat. Deze lessen gaan over thema’s
zoals (vrije) tijdsbesteding, vriendenrelaties, enz. Elk jaar organiseert Rotary 10 tot 12
Springdagen. Sinds de start van Tweesprong hebben 750 leerlingen
aan het project deelgenomen.
De leraren zijn enthousiast over de resultaten, zowel voor henzelf
als ‘leerlingenbegeleider’ als voor de jongeren, bij
wie de positieve en opbouwende sfeer van de Springdag nog lang
blijven doorwerken.
Jacques Claeys
Rc Antwerpen-Heideland
Rotarycoördinator ‘Tweesprong’ |